The Callous Daoboys: 'Racisten, ICE, de hele Republikeinse partij wil ik niet in de hemel zien'
Door Guido Segers | 14 jan 2026
Soms ga je uit eten en wil je gewoon die bekende, smakelijke hap. Veel artiesten geven je precies dat. Niet The Callous Daoboys, dat is het restaurant waar je nooit weet wat je krijgt, maar wel dat het een wow-factor heeft. Op donderdag 5 februari maak je het mee als de band uit Atlanta in Effenaar speelt. Het collectief bracht in 2025 een plaat uit die eclectisch én geniaal is, maar ook de gevoelige snaar meepakt. Met gitarist én superfan Daniel Hodsdon duiken we in het verhaal achter ‘I Don’t Want to See You in Heaven’.
De band vindt z'n oorsprong in 2016. "Het verhaal gaat dat Maddie [red. Caffrey] en Carson [red. Pace] besloten te stoppen met hun emobandje en een metalband wilden beginnen. Carson zou gitaar spelen, want dat deed hij in de vorige band ook, maar omdat de zanger niet op kwam dagen bij de repetitie ging hij zingen." De bandnaam, een spoonerisme van The Dallas Cowboys - probeer het ook zo uit te spreken-, begon eveneens als grap. "Die kwam weer van een vriend en het idee was om gevraagd te worden voor countryshows, en dan te klinken als Everytime I Die en The Chariot. Maar het klikte en werkte."
Zelf was Hodsdon meteen fan toen hij de band ontdekte in 2018. In 2021 sloot hij aan als gitarist. “Het duurde dus even voor ik mijn ingang vond. Ik kijk nog steeds vaak live video's van de band en dan denk ik: 'wat een ontzettend goede band'."
Van Dillinger Escape Plan tot *NSYNC
Het eclectische geluid danken The Callous Daoboys aan de uiteenlopende invloeden van de zes bandleden. "Alles mag in de mix komen. Violiste Amber [red. Christman] zit diep in de elektronische muziek, Jackie [red. Buckalew] is gitaarfanaat die leadlijnen op de bas speelt en Matthew [red. Hague] is de meest bovenmenselijke drummer die ik ken. Daar heb ik eigenlijk geen omschrijving voor. Carson is een soort spons die alles opzuigt, en Maddie komt weer uit de country en poppunk, terwijl ik een achtergrond heb in coverbands met oude jazz, R&B en Motown. Dat alles hoor je terug in onze muziek.”
Je zou denken dat het onmogelijk is om daar eenheid in te vinden, maar niets is minder waar dankzij het consensusbeleid van de groep: "Ik snap dat mensen denken dat we heel chaotisch zijn en zo klinken, maar dat is een bijproduct van geen regels hebben. Het belangrijkste is dat onze muziek mensen raakt en daarvoor mag alles. Het klinkt als te veel koks in de keuken, maar het resultaat staat. Niks is te gek, we kunnen op dezelfde plaat klinken als Dillinger Escape Plan én *NSYNC, maar we moeten het allemaal eens zijn dat het vet is."

Confronterend en intentioneel
De werkwijze van de band kent geen vast patroon. Het vertrekpunt is wel altijd zanger Pace als hoofdsongwriter. "Hij heeft soms een uitgewerkt kant-en-klaar idee, maar andere keren alleen een concept waar we onze tanden in mogen zetten. Ieders bijdrage is dan welkom. Soms heeft Carson zelfs iemand buiten de band in gedachten. Er zijn geen regels, als het mensen maar raakt." Dat is de essentie van The Callous Daoboys, die vaak ook als confronterend en subversief omschreven worden. "Alles is ontzettend intentioneel. We willen geen publiek bedienen, we willen iets zeggen. Het is muziek die diep uit je botten komt, uit je beenmerg. Het moet iets in je veranderen, dat maakt het goede kunst voor mij. "
Als dus ook maar één bandlid een song niet tof vindt, of een element, dan wordt dat geschrapt. "Het kan dat er een progressie inzit die we niet lekker vinden klinken, dan wordt het nummer weer afgebroken of tijdelijk opzijgelegd. Er verschijnt vanzelf weer een nieuw idee. Soms hoor je wat op de radio, of klooit iemand met de gitaar of piano en ineens heb je het en is het nummer gered." De band laat spontaniteit en creativiteit dus gewoon lopen. Het resulteert in scherpe songs, muziek met een missie, die wel heel lastig te plaatsen is. Iets wat Hodsdon geen probleem vindt. "Ik heb alle muziek moeten leren, maar nooit gedacht dat het bizar, moeilijk of onlogisch is. Het is cool. Ik vind het prima dat wij als band veel dingen tegelijk zijn. Saai en voorspelbaar zijn sucks."
Museum of Failure
Recensenten wijzen vaak naar twee nummers op de nieuwe plaat die eruit springen: 'Lemon' en 'Two-Headed Trout'. Twee songs, die enigszins haaks staan op de rest van de plaat en dat was de bedoeling. "Toevallig zijn dat twee songs die Carson helemaal klaar had en we wilden met die songs breken met onze norm en die ideeën zover pushen als kon. Met 'Lemon' gingen we voor een dansnummer met een poppy gevoel en 'Two-Headed Trout' is echt een vers-refrein-vers-refrein nummer mét een flinke breakdown. Een radio-rock nummer met veel repetitie, maar geen fade-out. We houden niet van fade-outs."
Het eerste nummer ging nog wel door veel veranderingen heen en leek bijna te falen, wat ook een kernthema van de plaat raakt. "Carson schreef 'Lemon' heel spontaan in een keer, maar toen we het gingen tracken werkten er grote delen niet van. Falen is natuurlijk nooit leuk, maar als je kans ziet om falen om te zetten in iets beters dan is het wat goeds."
In de intro van de plaat gaat het over het 'Museum of Failure', waar al het falen van de band te zien is, zoals het nummer 'III. Country Song in Reverse' en een referentie wordt gemaakt naar 'Daoboys Seaworld Footage', wat inmiddels online een mythe van de band is geworden. "Als je het album opzet, bezoek je in feite het museum. Het fascinerende aan falen is voor mij dat je tien dingen goed kan doen, maar iedereen gaat het hebben over de keer dat het fout gaat. We hebben het over de val van het Romeinse Rijk, maar veel minder over de 1000 jaar dat het niet valt, snap je?"
Het idee van een museum werd een soort raamwerk voor het album; de luisteraar wordt uitgenodigd te kijken, te herkennen en falen te zien, zonder oordeel of uitleg. Misschien wel als een essentieel deel van mens-zijn. "Carson is veel minder in metaforen en allegorie gaan schrijven, maar ik ben niet de schrijver en voor mij moet je een bepaalde mystiek bewaren en dus wil ik dit niet te concreet uitleggen. Maar als je de nummers luistert, gaan ze duidelijk over relaties en falen daarin. Familie, idolen, vrienden, mensen onder elkaar... soms door één van de partijen, soms beiden. En ons falen wordt toch onsterfelijk, het blijft ons bij. Wij dachten; we kunnen dit maar één keer doen, dus waarom niet alles op tafel gooien?"
I Don't Want To See You In Heaven
Het is ook die openheid die mensen juist lijkt te raken. Ondanks de hectische mathcore sound vol invloeden, ziet Hodsdon vele mensen diep in hun werk duiken. "Mensen komen naar ons toe en grijpen zich vast aan kleine dingen op die plaat, ze gaan terug naar het museum als het ware, om het opnieuw te bestuderen en er dingen te ontdekken. Ik denk het album meer is dan een muziekalbum door dat concept, er zit iets achter de songs wat raakt."
Hoewel Pace in interviews benadrukt heeft dat het album veel meer persoonlijk is dan een politiek statement, geeft Hodsdon toe dat de plaat door recente ontwikkelingen in de wereld een andere lading kan hebben voor mensen. "We hebben altijd gezegd, dat zodra muziek uit is, is die van jullie als luisteraars. Ik vind het belangrijk dat mensen hun eigen betekenis uit de nummers halen, en als die verandert mag dat ook. Ik kan nummers niet expliciet linken aan wat gebeurt in ons land, maar ik zie wel waarom mensen die voelen." De spanning is hoog in het thuisland. De Verenigde Staten voert de krantenkoppen over de hele wereld aan. "Ik zou willen dat het anders was. Wie we niet in de hemel willen zien? We hebben een militante politiemacht die burgers in het gezicht schiet en claimt dat het zelfverdediging is. Alsof onze ogen ons bedriegen. Mensen die dat positief vinden en goed praten, racisten nazi's, ICE, de hele Republikeinse partij eigenlijk wil ik niet in de hemel zien."
Hoop in een universele taal
De band put hoop uit het live spelen en heeft dan ook zin om de Atlantische Oceaan over te steken. Muziek brengt namelijk mensen bij elkaar en dat valt Hodsdon nu meer dan ooit op. "Het is belangrijk. Ik zie mensen de armen om elkaar heen slaan bij shows, ze duwen zich naar voren en schreeuwen teksten mee en het maakt dan niet uit of we in de Verenigde Staten spelen of in Duitsland. Muziek is een universele taal en als ik met zes snaren kan communiceren met mensen en ze kan verbinden, dan is dat het belangrijkste wat kunst kan doen. Veel belangrijker dan zieke breakdowns."
"Beweeg, spring, maar ga vooral niet naar me staan kijken met je armen over elkaar. Kom op het podium, je mag zo mijn mic hebben." De reactie en interactie geven de band energie, maar iedereen is welkom. Zo leerde Hodsdon zelf zijn aannames in te slikken over bandleden. "We speelden met Dillinger Escape Plan en midden in de pit stond een man in een roze T-shirt doodstil te kijken. Carson sprak 'm aan vanaf het podium, riep het publiek op hem een duw te geven... niks mocht baten. Later kwam die man bij de merch, en vertelde dat hij een enorm fan was: ‘maar ik had gewoon de perfecte plek, het was niet mijn schuld dat daar de pit begon.’ Daarna kocht hij een berg merch." Het was een bijzonder moment en Hodsdon maakt zich ook geen enkele zorgen om het publiek in Europa, althans het grootste deel: “Nederland is altijd goed voor ons, ik maak me meer zorgen bij shows in Zwitserland, het publiek was daar niet altijd even enthousiast."


