Ga direct naar: Hoofdinhoud

Dylan van Dael: "We moeten manieren zoeken om niet alleen de schreeuwerds te horen”

Door Guido Segers | 7 jan 2026
Dylan van Dael
Foto: Daan Kretschmann

Als producer en gitarist werkte hij samen met artiesten als Joost Klein en Naaz, maar momenteel stort Dylan van Dael zich vol op zijn eigen soloproject. Afgelopen september bracht hij zijn debuut 'What Do You Expect?' uit. Met zijn werk creëert hij een hybride tussen indie, alternatieve pop, elektronische melancholie en het chroomkleurige 3D-personage Pokka. Van Dael neemt je mee in zijn wereld; van de Duitse rapscene tot Europapa, en van regels loslaten tot het creëren van zijn eigen universum.

Wat betekent het als je de regeltjes van het artiestschap loslaat? Het is de zoektocht die Dylan van Dael voert binnen zijn project, in samenwerking met Effenaar Lab en ondersteund door het Fonds Podiumkunsten. Twee jaar lang verkent de jonge kunstenaar met zijn creatie Pokka de toekomst van hybride podiumervaringen. Een reis in het onbekende. "Dat betekent dat je niet precies weet waar je landt, maar dat vind ik ook wel zo prettig. Ik krijg net te horen dat we naar Colombia gaan om daar te filmen, dat soort mogelijkheden heb ik nu." 

Berlijn en de Duitse rapscene

Muziek was er altijd, vertelt de in Colombia geboren Van Dael, en zijn muziekminnende ouders gaven die liefde met de paplepel in. Muziek maken kwam later, tijdens zijn schooltijd op het Van Maerlantlyceum in Eindhoven. Hij leerde gitaar spelen, maar het was de laptop die eindeloze mogelijkheden bood. "Op een gegeven moment kwam ik erachter van: oké, je kan dus ook gewoon muziek maken met een laptop of met een telefoon. Bijvoorbeeld als je denkt dat ergens gitaar lekker klinkt, maar je bent geen shredder als Santana, dan ga je andere manieren bedenken om iets te maken. Dingen die tien jaar daarvoor alleen met grote producties konden, zijn mogelijk op je laptop."

Muziek werd het doel en op zijn zeventiende werd hij aangenomen op de HKU voor compositie en muziekproductie - ''wonder boven wonder", zoals hij het zelf zegt. "Ik vond het superleuk, maar ik voelde me stagneren. Ik was jong en hongerig en wilde dingen uitproberen, dus vertrok ik op mijn negentiende naar Berlijn en sloot ik me aan bij een songwriting-productieteam." Uit de schoolbanken en in de praktijk, groeide Van Dael snel in de producerrol. Bovendien kon hij experimenteren en een eigen visie ontwikkelen. "Ik heb een jaar macaroni en kaas gegeten, maar wel ontzettend veel gedaan in de Duitse rapscene. Als je naar mijn trackrecord kijkt, kan je denken: wat is dat voor een rare combinatie van dingen? De projecten die ik op mijn pad kreeg gaven me altijd creatieve vrijheid waar je dingen kon onderzoeken." 

Dylan van Dael
Foto: Daan Kretschmann

Niet gaan voor algoritme-succes

Toch zijn er restricties waar hij tegenaan loopt, vooral wanneer zijn voorstellen de experimentele kant op gaan. "Je krijgt dan dat artiesten zeggen: nou, nou, dat vind ik wel heftig, maar ik weet niet of dat wel gaat passen en of dat wel op de radio komt. Ik wil het geen afkeer noemen, maar dat is een manier van denken waar ik me liever niet mee bezighoud." Het idee dat je muziek maakt voor de radio, voor het algoritme, of in andere vorm gedreven door economische en niet creatieve belangen is iets waar Van Dael van weg wil blijven. Hij is niet tegen dingen als social media, zolang die een extensie zijn van je creativiteit. "Er zijn mensen die ik bewonder en die hele mooie dingen doen én goed zijn in social media. Het is een middel om mensen te bereiken en je verhaal te vergroten, maar je wil ervoor waken dat je niet iets gaat maken voor succes op het internet. Lijkt me een nare plaats om vanuit te werken."

Uiteindelijk liep Van Dael met veel eigen ideeën rond, die je als producer niet kwijt kan. Een eigen artiestenbestaan lonkte. "Als producer werk je vooral in dienst van een ander. Dan is het niet mijn plek om mijn visie door te drukken, dat is geen samenwerking. Dan moet je een andere rol aannemen en ik merkte dat ik na verschillende dingen te doen, ik zelf verhalen wilde vertellen." 

Europapa en experiment

Centraal in wat Van Dael als artiest wil doen, is experimenteren en ontdekken. Spotlights najagen is minder belangrijk, maar overkwam hem toch door samenwerkingen met Koerdische zangeres Naaz en zijn bijdrage aan het meest meegezongen nummer van 2024: 'Europapa'. Daar kan hij wel om lachen. "Die hele ervaring van Eurovisie met 'Europapa' was bijzonder en leerzaam, Joost is wel een grote inspiratie. Bij hem zag ik wat er kan als je alle regeltjes loslaat. Dat gaat van optreden op Lowlands met schmink tot een supercultureel indieproject." Het is met die gedachte dat Van Dael zijn eigen project start, waar hij een handige manier in heeft gevonden om zelf niet vooraan te staan.

Het universum van Pokka

"Kijk, ik zou niet rond willen lopen met mijn eigen hoofd op een shirt, maar wel met Pokka." Pokka, ontworpen door kunstenaar Mick Thörig en Van Dael, is een fantasiewezen, ontsproten uit het brein van de artiest, wat schuchter is, vol creativiteit en op zoek naar connectie. Het 3D-personage belichaamt de balans tussen saamhorigheid, individualisme en de toenemende eenzaamheid die digitalisering met zich meebrengt. Om dat vorm te geven is een karakter gebouwd met een glanzende buitenkant.

"Ik vond het idee van een karakter hebben, een beetje zoals The Gorillaz, heel interessant. Het is een extra outlet om kunst over te maken, om het over te hebben. We leven in een wereld waar degenen die het hardste roepen gehoord worden, maar hoe komen anderen aan het woord?" Voor Van Dael is Pokka dan ook, net als hijzelf, niet het middelpunt. Het draait om de interactie die Pokka oproept. Eerder exposeerde hij met Pokka onder andere op de Dutch Design Week en Lowlands. "Ik houd niet zo van self-help kunst, maar veel mensen kwamen naar me toe om te vragen: wat is dit? Daardoor raken mensen in gesprek en ontstaat er iets heel moois."

Dylan van Dael
Foto: Daan Kretschmann

Kunst als gespreksstarter

Het feit dat de wereld vol geschreeuw is en weinig ruimte geeft voor een zachter geluid viel op. "Ik heb wel gemerkt dat veel mensen hiermee zitten, soms ook onderling met hun kinderen bijvoorbeeld. Maar niemand weet echt hoe ze ermee om moeten gaan. Zo'n karakter helpt dan om dingen bespreekbaar te maken op een manier dat het niet in je gezicht wordt gedrukt, dat vind ik heel belangrijk. En dat is nu best wel zeldzaam aan het worden. Dat zie je niet alleen in kunst, maar ook in politiek, en ik denk dat we manieren moeten zoeken om niet alleen de schreeuwerds te horen." 

Dankzij een subsidie van het Fonds Podiumkunsten kan Van Dael nu twee jaar verder bouwen aan het concept. Voor hem is het belangrijkste daarvan de vrijheid. "Het geeft me de ruimte en tijd om niet mee te doen aan die race van uitbrengen, posten en live gaan. Ik kan echt de tijd nemen om dingen te maken. Dat is iets wat normaal alleen kan als je een grote, gevestigde artiest bent."

Nieuw onderdeel van het universum

Ook krijgt hij hulp van Effenaar Lab, waarmee hij eerder al samenwerkte aan een ervaring rondom zijn track ‘Better If I Go’ binnen het traject HYMNE. Samen met acts Anneke van Giersbergen, CHARLOT en WITT experimenteerde Van Dael met XR en muziekbeleving. In zijn mixed reality-ervaring stap je in de dromerige wereld van Pokka, die daar tot leven komt. 

"Dat was een hele goede pilot voor een XR-experience met het karakter. Voor deze live ervaring kijk je via een bril de ruimte in, waar dingen in verschijnen, waaronder een gigantische Pokka. Eigenlijk een kijkje in diens wereld. Het leukste voor mij is als mensen daarna hun verschillende ervaringen uitwisselen. We hadden bijvoorbeeld in de XR-omgeving een doos, waar je vanaf de ene kant in kon kijken en een miniatuur 3D-versie zag, maar aan de andere kant was die dicht. Dat roept dan gesprekken op." Hoewel het project nog geshowcased gaat worden op Eurosonic Noorderslag, is het voor Van Dael eigenlijk in deze vorm wel af. Hij ziet hier wel een werkvorm in waar meer mee kan. "Het is eigenlijk alsof je een nummer gemaakt hebt en dat staat in deze vorm wel. Het is nog wel een beetje onduidelijk hoe je dit bijvoorbeeld mee zou nemen. Het blijft een beetje weird, alsof het nog niet helemaal geland is."

Voor zijn twee jaar durende project slaat hij de handen weer ineen met Effenaar Lab. 
"Eigenlijk spar ik nu nog steeds vooral met Jos [red. Fijen, directeur Effenaar]. Hij geeft me veel vrijheid en zet z'n expertise in waar die nodig is. Je hebt veel organisaties die zeggen voor innovatie te staan, maar als je dan iets wilt kan het niet. Bij Jos zie ik echt die wil en durf om, ondanks dat je een grotere organisatie bent, risico te durven nemen. Dat inspireert mij weer."

Technologie verandert niet de kunst, maar de kunstenaar

Van Dael ziet technologie nadrukkelijk als middel, het gaat om wat het doet. "Zo'n XR-bril is op zichzelf niet zo interessant voor mij, dat bestaat al lang en kennen we al. De ervaring zo interessant maken dat je vergeet dat je die bril op hebt, dat is interessant." Echt een tech-artiest is hij dan ook niet, meer iemand die graag zijn koffer met gereedschappen uitbreidt. "Als ik een nieuwe technologie zie, denk ik niet ‘daar moet ik wat mee’. Ik werk vanuit een idee of een gevoel, en hoe ik dat tot uiting breng gaat voorbij technologie of muziek. Dan draait het ook om visueel, performance en concept. Hoe kan ik iets maken wat al die dingen samenbrengt? Daar zit de rol van technologie voor mij.” 

Een middel dus en niet zozeer een einddoel, wat ook de reden is dat hij zich veel minder druk maakt om artificiële intelligentie in z'n verschillende vormen, dan veel collega's in de creatieve hoek. "Als je dat ziet als tool, in plaats van als een bedreiging, dan wordt alles ineens een speelveld. Bovendien, blijft het zich ontwikkelen. Als je naar HYMNE kijkt, stel je eens voor hoe vet dat zou zijn met de technologie van over vijf jaar. Wat nu heel bijzonder lijkt, is straks doodgewoon." In feite is hij meer overtuigd dat de rol van de kunstenaar verandert, in plaats van de kunst zelf. Net als met zijn laptop jaren terug, zijn alle technologieën nieuwe tools die het maakproces verrijken. "Ik wil niet dat mensen denken: ‘wow, wat knap dat dit technisch kan’. Maar dat ze denken: ‘oh, ik was even ergens anders’. Ik vind het fijn me niet te hoeven definiëren als muzikant, technoloog of beeldend kunstenaar. Ik zit ergens tussenin." 

Vooruit vloeien

Van Dael weet dat hij nieuw terrein verkent met Pokka en interdisciplinaire optredens. Dat het einde open is, baart hem dan ook niet echt zorgen. Het is een zoektocht die hij prettig vindt, en hem bijna dwingt te groeien als artiest. "Het tweejarige project is vooral een grote zoektocht naar: hoe breng je een nieuwe podiumervaring? Hoe kun je zorgen dat die grenzen tussen wat echt is en wat nep is, wat digitaal is en wat analoog is, vervagen? Wat er echt op een podium gebeurt en wat vanuit een computer komt? Mijn theorie is dat als je echt iets goeds maakt, dat het dan gewoon werkt en voor zichzelf spreekt. Maar dat gaan we zien." 

Toch blijft Van Dael realistisch. De waarde zit in de zoektocht zelf, vanuit zijn artistieke overtuiging, want het kan ook op niks uitlopen. "Voor hetzelfde geld zeggen we met z’n allen over vijftien jaar: ‘ja, dit was even leuk, maar fuck dit, we gaan gewoon weer lekker bands kijken’. Dat weet je niet.”

Lees hier meer over het tweejarige project van Dylan van Dael in samenwerking met Effenaar Lab

Aanwezig op ESNS? Stap in de wereld van Pokka tijdens de showcase van HYMNE

Contact

Dommelstraat 25611 CK Eindhoven

info@effenaar.nl+31 (0)40 311 83 12