Over de Effenaar

Van 1971 – 2005 was de Effenaar gehuisvest in een oude linnenfabriek. Het reeds oude gebouw is gedurende deze periode van bijna 25 jaar zo intensief gebruikt dat het steeds minder voldeed aan de wensen van zowel het hedendaagse publiek alsook de artiesten. Hoewel de Effenaar in de linnenfabriek een afwisselend en breed programmeerde voor verschillende doelgroepen, konden toch de artistieke ambities van de Effenaar niet worden waargemaakt. Met slechts één zaal voor 650 bezoekers was de linnenfabriek te klein geworden om bepaalde bands en artiesten te kunnen boeken die wel thuishoorden in een stad als Eindhoven. Waren de jaren tachtig en de eerste helft van de jaren negentig nog hoogtijdagen voor het Nederlandse clubcircuit, halverwege de jaren negentig kwam er een kentering. Het clubcircuit in Europa maakte mede dankzij economische groei een stormachtige ontwikkeling door en werd voor toerende bands een erg groot afzetgebied. Niet langer stak de Effenaar met kop en schouders boven andere clubs in Nederland en Europa uit. De onderlinge concurrentie aan inkoopzijde werd steeds groter en de zaalcapaciteit, uitstraling en faciliteiten van de club speelden ineens een zeer grote rol bij de keuze van de artiest voor een club.

In eerste instantie is gekeken of het mogelijk was om de oude Effenaar uit te breiden en te renoveren. De kosten hiervan waren dermate hoog dat hier vrij snel van werd afgezien. In 1998 is zodoende het politieke traject gestart wat tot de opening van een nieuwe Effenaar leidde in oktober 2005. In een vroeg stadium werd een architect benoemd door een brede commissie bestaande uit vertegenwoordigers van de Effenaar, de gemeente Eindhoven en externe deskundigen.

Architectenbureau MVRDV is gekozen vanwege hun (inter)nationaal sterke reputatie als visionair bureau met tal van vernieuwende projecten op haar naam. MVRDV is aan het werk gegaan met het programma en de eisen van de Effenaar. De wens was om een open gebouw te creëren met een grote zaal voor 1200 bezoekers en een kleine zaal en foyer voor 400 bezoekers om zowel de concurrentiepositie van de Effenaar te verbeteren en tevens nog steeds vernieuwend te kunnen programmeren. Ook stond er een restaurant-café op het verlanglijstje om dezelfde faciliteiten te kunnen bieden aan bezoekers als in de oude Effenaar. Voor het restaurant-café was, net als voor de zalen, een open karakter belangrijk, alsmede toegankelijkheid voor zowel bezoekers van de zalen én bezoekers uit de stad. Daarnaast waren goede artiestenvoorzieningen, kantoren, een technische ruimte, personeelskantine en voldoende opslag belangrijke aandachtspunten.

MVRDV heeft deze wensen naast elkaar gelegd en in kokers vertaald waarna ze vervolgens deze kokers heeft samengevoegd. Hierdoor is de vorm van de grote zaal ontstaan. De bedoeling was dat men door alle kokers van voren naar achteren uitzicht zou hebben. Elke koker had een eigen functie en kreeg later een eigen kleur. De architect wilde graag glas aan de buitenkant van het gebouw, maar dat is om praktische en financiële redenen slechts aan de voor- en achterzijde geplaatst. Het gebouw kreeg een sterk industrieel uiterlijk, passend bij de historie van de stad, met veel beton en staal. En uiteraard werd het pand zo hufterproof mogelijk ontworpen. In eerste instantie was het de wens om een gebouw te creëren met hoogstens één of twee verdiepingen. Om alle functies in de nieuwe Effenaar te krijgen, zijn dat er vijf geworden met in totaal 7 liften en een ruim loadingdock.

Met dit alles en het prachtige Effenaar-parkje aan de achterzijde van het gebouw is de Effenaar architectonisch een aanwinst voor de stad en wordt dan ook veel bezocht als bezienswaardigheid en inspiratiebron.